Er was eens, lang geleden, een Indische boer die tien ezels had waarmee hij op het land werkte.

Op een avond na een lange dag zwoegen en zweten – want Indische boeren werken van vóór zonsopgang tot ná zonsondergang met slechts enkele uren onderbreking voor de grote middaghitte – nam hij de ezels mee terug naar huis en maakte ze vast aan palen die voor dat doel in de grond waren geslagen.

 Nadat hij er negen had vastgebonden, merkte hij tot zijn schrik dat hij het tiende touw verloren was, zodat hij niets had om de laatste ezel mee vast te leggen.

Wat nu? Goede raad was duur!

Plotseling zag de boer dat er even verderop onder een boom een sadhu zat te mediteren – een zwervende monnik. Eerbiedig ging hij op hem af en wachtte totdat de sadhu zijn meditatie beëindigd had. Toen vroeg hij hem om toestemming voor het stellen van een vraag en nadat de sadhu belangstellend vroeg wat die vraag was, legde de boer het probleem van de negen touwen en de tien ezels aan hem voor. Deze dacht een ogenblik na, en zei toen: ‘Het enige wat je hoeft te
doen, is de bewegingen te maken die je anders ook met je touw zou hebben gemaakt. Doe net alsof je de ezel vastlegt – dat is alles’.

De boer ging terug naar de tiende ezel, deed alsof hij een touw om zijn nek bond en het vastmaakte aan de tiende paal. Daarna ging hij zijn huisje binnen, half vertrouwend op het vreemde advies van de sadhu en half bezorgd dat zijn ezel misschien in het holst van de nacht weg zou lopen.
Maar… toen hij de volgende ochtend in alle vroegte weer buiten kwam, stonden alle ezels nog keurig bij hun paal, ook de tiende. Blij dat alles zo goed was afgelopen, maakte de boer de negen ezels los en wilde de kudde meenemen naar het veld om te gaan werken. Maar tot zijn stomme verbazing weigerde ezel nummer tien om ook maar een poot te verzetten. De boer trok en schreeuwde en gaf de ezel een klap op zijn achterste, maar het dier bleef stokstijf staan.

Toen dwaalden de ogen van de boer in de richting van de boom, want hij begon bang te worden dat de sadhu zijn ezel misschien had betoverd. Hij zat nog steeds onder dezelfde boom, dus liep de boer naar hem toe en vertelde wat er  aan de hand was.

Hierop zei de sadhu: ‘Heb je de tiende ezel wel losgemaakt van zijn paal?’
‘Nee, natuurlijk niet’ zei de boer. ‘Het beest zit toch helemaal niet vast?’
‘Aha,’ zei de sadhu, ‘zie je, jij weet dat de ezel niet vast zit en ook helemaal niet vast heeft gezeten. Maar de ezel zelf weet dat niet, hij denkt nog steeds dat hij aan de paal vastgebonden is!’ Hierop liep de boer terug naar zijn ezel, deed net of hij een touw losmaakte van de paal en het touw weer van de nek van het dier haalde. Nauwelijks was dat karweitje geklaard of de ezel wandelde braaf mee naar het veld.

De tralies van de geest

‘Jij weet dat de ezel niet vastzit en ook helemaal niet vastgezeten hééft,’ zegt de sadhu tegen de Indische boer, ‘maar de ezel zelf weet dat niet en denkt nog steeds dat hij aan de paal vastgebonden is!’ Ziedaar de immense kracht van onze persoonlijke overtuigingen. Hoeveel mensen denken niet dat ze zijn vastgebonden, terwijl ze in werkelijkheid zo vrij zijn als een vogeltje? Ik kan zo een paar mensen in mijn omgeving opnoemen die altijd stellig zeggen: ‘Ik val kennelijk op foute mannen,’ waarna ze met de volgende foute man in zee gaan. Of: ‘Ik kan nu eenmaal niet goed organiseren,’ waarna alles in de soep loopt. Of: ‘Ik ben te dik,’ waarna ze nog een schuimgebakje in hun mond steken. Of, in mijn geval: ‘Ik kan niet koken,’ waarna mijn gerecht inderdaad volledig de mist in gaat.

We zitten allemaal in de gevangenis van onze eigen overtuigingen, achter de tralies van onze geest. Onze manier van denken bepaalt hoe wij de wereld zien, want niet ‘zien is geloven’, maar ‘geloven is zien’. We worden, meer dan wat dan
ook, beperkt door onze ideeën.
Albert Einstein zei al: ‘Je kunt een situatie niet veranderen met dezelfde manier van denken als waarmee je de situatie hebt geschapen.’ Om ons leven te veranderen, moeten we dus onze ideeën veranderen. Dat kan door niet langer,  zoals de ezel in het verhaal doet, aan te nemen dat de werkelijkheid is zoals wij die verwachten, maar door voortdurend bereid te zijn onze overtuigingen te onderzoeken met introspectie en reflectie, door ze aan de werkelijkheid te  toetsen en zo nodig te veranderen. Overtuigingen en oordelen zijn er om bij te stellen. In het gemak en de snelheid waarmee we dat doen ligt ons geluk besloten.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s